maandag 27 december 2010

Niet in slaap komen

Vanmorgen werd ik om vier uur wakker. Dat was mijn eigen schuld: ik had de kat niet uit de slaapkamer gezet (de andere kat, niet die van het apporteren). Ze had zich zo aandoenlijk tegen me aan genesteld dat ik dacht dat het wel zou lukken met slapen. Dat denk ik altijd als dit gebeurt en het is nooit waar. Ook deze keer niet: om vier uur begon ze liefdevol aan mijn neus te likken. En werd ze alsnog naar de gang verhuisd. ;-)

Maar toen was ik dus wakker en begonnen mijn hersenen lekker op gang te komen. Ik verzon allerlei leuke, slimme en creatieve ideeen. Terwijl het me beter leek om nog een paar uur te gaan slapen. Het leek wel alsof ik elke keer vergat dat ik wilde gaan slapen omdat ik afgeleid werd door alweer iets interessants dat langskwam.

Ik weet dat er meer mensen zijn die hier last van hebben. Als ze naar bed gaan, of als ze halverwege de nacht wakker worden. En sommigen hebben dan niet eens leuke dingen in hun hoofd zoals ik nu had, maar vooral veel gepieker.

In mijn boek 'Meer energie!' heb ik uitgelegd waarom het zo belangrijk is om voldoende uren (diepe) slaap te krijgen. En ik heb ook een lijst met tips gegeven hoe je dingen zo kunt veranderen, dat de kans groot is dat je beter inslaapt en doorslaapt. Je kat niet in de slaapkamer laten is ook zo'n tip. ;-)

Hier nog een aanvullende truc, die ik vanmorgen ontdekte en die goed hielp. Het voelde alsof er een klein wezentje was in mij dat telkens achter elke interessante gedachte aanliep en vergat dat ik wilde slapen. Dus stelde ik me keer op keer voor dat ik dat wezentje vriendelijk terugriep en zei: ga maar lekker slapen. Ik liet het gaan liggen en tot rust komen.

Dit lukte niet ineens; ik heb het een aantal keren gedaan want hij ging er telkens weer vandoor. Hoe vaak weet ik niet precies, want ik ben in slaap gevallen. ;-) Maar dit is goed om te beseffen als je jezelf probeert te helpen in te slapen: je zult jezelf waarschijnlijk een aantal keren in slaap moeten sussen voor het lukt. Misschien zelfs heel vaak. Ga je daar niet over opwinden, maar blijf er rustig mee verder gaan. Oefening baart kunst.

donderdag 23 december 2010

Geen zin in bewegen?

Veel mensen vinden het lastig om elke dag actief te bewegen, zeker in de winter. Ze vinden dat ze het moeten doen 'want het is beter voor je', maar dan lokt de bank of de luie stoel en dan komt het er niet van.

Daar kan ik de nodige verklaringen voor geven, maar ik wil me even tot eentje beperken vandaag: wie moe is, wil niet bewegen. Die wil uitrusten. Vaak is het dus een slimme volgorde om eerst te zorgen dat je dagelijks voldoende rust en ontspanning krijgt. Je wordt daar fitter van en krijgt vanzelf meer zin in bewegen.

Wel een kleine kanttekening.
"Ik hoef vandaag niet te bewegen, want ik ben moe," is niet zo'n goede tekst. Dat klinkt als eerder als een soort smoesje dan als een stap vooruit. ;-) Een betere tekst is misschien:
"Ik ben moe, dus ik ga meteen zorgen dat ik meer rust en ontspanning krijg om weer fit en vrolijk te worden."

Voor de liefhebbers is hier inspiratie te vinden om uit te rusten:
http://www.nationaleuitrustweek.nl/uitrustweek

zondag 19 december 2010

Apport!


Ik heb een kat die apporteert. Normaal doen honden dat: je gooit een bal weg en dan gaan ze hem halen en leggen hem naast je neer. Onze andere kat apporteert niet. De meeste katten doen het volgens mij niet. Yoki wel.

Het gaat als volgt: ik zit te werken aan mijn bureau en dan hoor ik wat geschuifel onder mijn stoel. Ik kijk naar beneden en dan ligt er een grijs speelmuisje naast mijn stoel. Dan kijk ik achterom en dan zie ik in de gang, bovenaan de trap, Yoki liggen die me verwachtingsvol aanstaart. Ik gooi vanaf mijn werkplek het muisje met een boog van de trap af en zie Yoki zich er achteraan storten. Een halve minuut later ligt het muisje weer naast mijn stoel en is het de bedoeling dat ik het nog een keer gooi.

Ze houdt dit rustig een half uur vol. Niet mijn meest productieve half uur van de dag, maar ik kan tussendoor best een blogtekst typen ofzo. :-) Nu moet ik het muisje weer even gooien, moment...

Wat hier nou zo leuk aan is, is dat het laat zien dat een levend wezen patronen kan aanleren. Yoki heeft eens een muisje naast mij neergelegd en toen gooide ik het weg. Dat was leuk, dus legde ze het weer naast me neer. En het is voor haar ook helemaal geen vraag of ik het weer ga gooien, ze gaat gewoon klaarliggen naast de trap. Zie daar een apporterende kat.

Bij mensen werkt het net zo. Stel bijvoorbeeld dat je gewend bent om direct na het eten op een bepaalde plek op de bank te gaan zitten en de tv aan te doen. Als je dat zes dagen doet, dan denk je er op de zevende dag niet meer bij na. Je zit al op de bank en hebt de afstandsbediening al in je hand voordat je een besluit hebt genomen over wat je die avond wilt doen.

Als ik Yoki's muisje niet meer gooi, zal ze dat heel jammer vinden. Haar spelletje is weg, wat nu? Waarschijnlijk gaat ze na een tijdje ronddrentelen in een plant hangen of in de gordijnen om mijn aandacht te trekken. En dan gooi ik toch het muisje maar weer...

Ook dit werkt bij mensen net zo. Als jij op die bank gaat zitten en je mag de tv niet aanzetten omdat je dat beter vindt voor jezelf, dan kun je daar behoorlijk onrustig van worden. Je hebt nog geen andere gewoontes en bovendien: waarom moet je leven zo ingewikkeld zijn? Waarom zou je niet gewoon die tv weer aanzetten? Op een gegeven moment heb je daar genoeg van en dan is de kans groot dat je inderdaad de tv weer aanzet.

Stel nu dat er een moment komt dat ik geen muisjes meer wil gooien. Dan is er een slimmere stap om te zetten: de situatie veranderen. Bijvoorbeeld ergens anders gaan zitten, schoon water in het bakje van de katten gaan doen of een ander speeltje neerleggen ergens in het huis en daar de aandacht op vestigen. Zo lang ik op dezelfde plek in huis zit in dezelfde houding, komt Yoki haar muisje brengen. Als ik er niet zit, doet ze dat niet.

Kortom: als je een gewoonte wilt veranderen bij jezelf, verander dan ook iets in de rest van je patroon. Ga aan de andere kant van de bank zitten. Verplaats spullen. Doe dingen in een andere volgorde. Als je alles hetzelfde blijft doen, is het heel lastig om dat ene ding te veranderen. Verstoor je automatismes, dan lukt het veel beter. Handig om te weten als je goede voornemens hebt...

vrijdag 10 december 2010

Stomme klusjes

Wij doen vaak analyses voor mensen die niet goed in hun vel zitten, om te kijken wat de oorzaak is. Ik wil ter afsluiting van mijn week eens iets schrijven over een detail dat me daarbij steeds opvalt: bijna niemand heeft plezier in praktische klusjes.

De vaatwasser inruimen, stofzuigen, een schroef in de muur draaien, vuilniszak verwisselen, de wc schoonmaken, rondslingerende schoenen opruimen, overhemden strijken, oud papier wegbrengen... het lijken allemaal vervelende dingen te zijn. Ook als je naar de reclames kijkt trouwens. Blokjes voor in de wc die je niet eens met je handen hoeft aan te raken en die hem dan schoonbruisen, dat soort dingen worden voor ons bedacht.

Ik zit me af te vragen waarom die klusjes nou zo erg zijn. Ik denk niet dat mensen er tegenop zien omdat ze zo moeilijk zijn. Misschien is het wel dat ze een sluitpost zijn: heb je de hele dag gewerkt, aandacht besteed aan je gezin, familie, vrienden, collega's, moet je ook nog praktische klusjes doen! Terwijl je daar helemaal geen energie meer voor hebt.

Als je dit herkent voor jezelf, heb ik twee tips. De eerste is: besef dat praktische klusjes ook energie en tijd vragen en maak niet al je energie voortijdig op. Bijvoorbeeld: aan het eind van je werkdag hoor je niet uitgeput te zijn. Je hebt nog een heel stuk dag te gaan.

De tweede tip sluit hierbij aan, vooral als je veel geestelijk werk verricht. Wat wil namelijk het geval: praktische klusjes doen lijkt helemaal niet op werken achter de computer of vergaderen. Dat betekent dat jouw computerhersenen en jouw vergaderhersenen uitstekend kunnen ontspannen tijdens een praktisch klusje! Veel beter dan tijdens tv kijken bijvoorbeeld.

Wat je dus kunt doen, is elke dag ruimte maken voor een praktische klusje en dat met je volle aandacht doen. Daar rust je van uit, het klusje is voor elkaar en... misschien is het nog leuker dan je dacht ook.

Zo, ik denk dat ik de computer maar eens uitzet en het bed ga verschonen. ;-)

woensdag 8 december 2010

Hoera voor pakjes en zakjes?

Rosanne Hertzberger hield in NRC afgelopen zaterdag een vurig pleidooi voor voedseltechnologie en kant-en-klaar producten. Met zo’n tegengeluid ben ik altijd blij, want het helpt om zo scherp mogelijk te formuleren wat het belang is van zelf koken en onbewerkte producten kopen. Een paar overwegingen voor de mensen die nog eens willen nadenken over wat ze het liefst eten.

De beste startvraag is misschien wel: wat zou een goede reden zijn om voedsel te kopen dat je niet of nauwelijks hoeft te bereiden? Er komen drie antwoorden in me op. Het eerste is: dat scheelt tijd. Een prima reden als je je tijd aan andere dingen wilt besteden die je gelukkig maken, bijvoorbeeld contact met je gezin, je partner of je vrienden. Ervaring leert, dat dat niet is wat mensen doen als ze hun magnetronmaaltijd hebben opgewarmd. Ze gaan eerder voor de tv zitten, omdat ze te moe zijn om iets anders te doen. Ook als ze al de hele dag voor een computerbeeldscherm hebben gezeten. Het effect: ze raken nog vermoeider. Eten bereiden zou een goede ontspanning kunnen opleveren na een dag achter de computer. Misschien kun je het zelfs samen met iemand doen en intussen praten over dingen die je bezighouden.

Een ander argument voor de aankoop van voorbewerkte producten: die smaken lekkerder. De industrie weet namelijk precies wat de gemiddelde consument de optimale smaak vindt en die wordt zorgvuldig gecreƫerd. Een mogelijk nadeel: alle smaken kunnen op elkaar gaan lijken (kinderen die je suikerwater laat proeven, zeggen dat het naar aardbei smaakt!). En als je veel smaakversterkers binnenkrijgt, smaakt eten zonder die middelen al snel flauw. Je hebt dus steeds meer hulpstoffen nodig.

Het derde argument: het is gemakkelijker. En vaak is het fijn als je leven makkelijk is, vooral bij de dagelijkse routines. Maar als het altijd makkelijk is, leer je niets en krijg je minder zelfvertrouwen en minder inzicht. Zo kun je bijvoorbeeld gaan denken dat het een uur duurt om aardappelpuree te maken. Aardappels zijn na twintig minuten gaar! Een paar keer prakken met de stamper, beetje melk, beetje boter, klaar.

Wat ik misschien wel het grootste risico vind, is dat mensen het idee krijgen dat eten maken en opeten een sluitpost is. Iets wat zo min mogelijk tijd, energie en aandacht moet kosten. Terwijl we toch al zo weinig aandacht besteden aan de behoeftes van ons lichaam en almaar met ons hoofd bezig zijn. Ik ben geen liefhebber van koken, maar wel van goed eten en van goed zorgen voor mezelf (en voor anderen die mee-eten). Daarom maak bijna elke dag zelf het avondeten klaar. In een half uur. Een ander kan een andere keuze maken. Als het maar een keuze is, en niet iets waar je ongemerkt ingerold bent door alle marketingactiviteiten van levensmiddelenproducenten.

maandag 6 december 2010

Gebruik je maar de helft van je vermogens?

Afgelopen week had ik vrij genomen. We zijn niet weggegaan, maar hebben dingen gedaan waar we zin in hadden. Bij een paar restaurants gegeten in de buurt, naar het Kroller Muller museum, de stad in gegaan, naar de Efteling. ("Oh, heb jij kinderen dan?" "Eh... nee, ik verander zelf altijd in een kind als ik in de Efteling ben.")

Wat heel fijn was aan de week, is dat mijn linker hersenhelft veel minder hoefde te doen dan normaal en mijn rechter hersenhelft meer ruimte kreeg. In gewone mensentaal: minder denken, redeneren en plannen. Meer ervaren en contact houden met jezelf en de omgeving. Als je het leuk vindt om een levendige uitleg te krijgen over de twee hersenhelften, kun je het filmpje hieronder een keer kijken. Het duurt ca. 18 minuten, net als de andere presentaties van TED.com.

Een paar voorbeelden.
1. Ik zat in een karretje van de attractie 'Droomvlucht' van de Efteling. We reden door het gangetjes met kleine lichtjes, voordat de echte acttractie kwam. Ik dacht niet zoveel en ik rook, zag en voelde veel meer details dan normaal.
2. We hebben de wekker niet gezet. De eerste dagen werd ik na negen uren slaap wakker, daarna was ik blijkbaar uitgerust en werd ik steeds exact na acht uren slaap wakker.
3. Ik had geen taken voor mezelf bedacht, maar de badkamer werd toch schoon omdat ik op een gegeven moment zin had om iets praktisch te doen.

Wij 'westerlingen' zijn erg gewend om alles te sturen met denken en plannen. We denken dat je dan meer voor elkaar krijgt. En onbewust denken we misschien ook dat er een moment komt dat alles klaar en onder controle is - en dat we dan gelukkig zullen zijn.

Intussen laten we de helft van onze capaciteiten liggen. In je lichaam huizen naast je verstand ook je gevoel en je intuitie. Die kunnen alle kennis uit je hoofd prachtig bij elkaar brengen en ervoor zorgen dat je nog slimmer wordt. Dat je beter weet wat belangrijk is en wat niet. En dat je de dingen doet waar jijzelf en andere mensen zich goed van gaan voelen. Met minder stress!

Een mooie kans dus.